maandag 28 juni 2010

Het Allerlaatste Woord...

Vreemd en verward begin ik aan mijn laatste bericht. Het laatste bericht dat de eer heeft mijn IJsland-avontuur af te sluiten. Vreemd en verward voel ik me omdat ik de laatste dagen in IJsland en de eerste dagen in België op een emotionele rollercoaster gezeten heb. Maar ’t is tijd om duidelijkheid te scheppen. ’T is tijd om al hetgeen dat rest, uit de doeken te doen.

Het begin van het Einde.
Het zou allemaal moeten beginnen op 23 juni, maar ik heb enkele gaten in mijn geheugen. Niet dat ik zo dronken geweest ben of omdat ik ‘pief’ gerookt heb. (De KSA’se woordenschat, dat heb ik toch gemist / pief = weed) Desondanks het feit dat mijn geheugen me even in de steek laat, kan ik jullie toch meegeven hoe die laatste dagen zich ongeveer voltrokken. Om te beginnen heb ik vaak met Sam uit Québec (Canada) rondgehangen. Sam en ik, wij liggen op één lijn. Alles wat gezegd wordt keert zich naar een filosofisch gesprek. En dat klinkt misschien zwaar en vele zullen gaan van: “Bah, wat doet gij in uwe vrijen tijd?”. Maar onze gesprekken waren heel luchtig en vooral het feit dat Sam niet van wetenschappen houdt… laat me dat anders formuleren. Vooral het feit dat hij niet in de wetenschap gelooft, zorgt vaak voor hilariteit. Sam is een man van de natuur en doet me denken aan (herinnert u hem nog?) Christopher Johnson (Chris) McCandless.

Sam is de rode draad doorheen het einde, maar ook Takehiro (Japan) was van de partij. Toen ik Takehiro voor eerst ontmoeten kon hij spijtig genoeg niet te veel engels, maar hij buigde wel altijd lichtjes als ik hem iets vroeg. Doch dat is verandert en alleen het buigen is overgebleven (echt zo’n stereotype ding). Takehiro is wel lachen en wie weet zal ik ooit mijn zinnen zetten op dat eiland ver van hier, het land van de Samurai en niemand minder dan Takehiro zelve.

Ook Colin, mijn Amerikaanse broer is nooit veraf geweest. Hem zal ik niet rap vergeten vermits ik door hem dat zweeds meisje heb leren kennen. Toch zou ik ferm arrogant zijn als ik Colin enkel voor die bewezen dienst zou herinneren. Die kerel ligt net gelijk Sam en ik op dezelfde lijn of alleszins een parallellijn vermits Colin al zijn beslissingen baseert op de wetenschap, waardoor hij af en toe botst met Sam.

Sam en Colin zijn van twee van die sleutelfiguren waarvan ik weet dat ik die nog ga zien. Bij het afscheid zeiden we niet vaarwel, maar tot ziens. Gewoon omdat we alle drie wisten dat dit jaar het begin is van iets groots, iets spontaans … het leven begint.

Afscheid.
Als afsluiter was er zo’n eindkamp georganiseerd. Zaterdag om 10 ’s morgens gingen we zoals de traditie het voorhield een boompje planten. Voor vele betekende dit afscheid nemen van hun gastfamilie. En voor even was ik blij dat ik dit deel al achter de rug had. Mijn gastfamilie had ik achter gelaten in Bolungarvík.

Daarna gingen we naar een schooltje om daar voor de laatste keer te gaan zwemmen en enkele groepsgesprekken te doen i.v.m. ons jaar en onze bevindingen. De avond ging voorbij met veel praten over alles behalve het vertrek. Slapen werd er bijna niet gedaan vermits ik en nog zo’n 20 andere om 4:30 ’s morgens aan de luchthaven moesten zijn.

Vaarwel zeggen tegen de andere uitwisselingsstudenten ging gepaard met veel traantjes. Tranen die niet van mij waren. En ook Colin en Sam bleven er vrij ongeroerd van. Ik zei nog dat het allemaal iets gemakkelijker ging gaan als we mee konden huilen en daar gaven ze me gelijk in. Dat creëerde een vreemde sfeer. Wij observeerden en dachten na met voldoening over hoe het jaar geweest was, maar andere vlogen elkaar in de armen, wanhopig proberend om het moment van samenzijn te verlengen. De tijd was gekomen en ik begon iedereen af te gaan om tot ziens of vaarwel te zeggen. Ik vind dat men dat soms voelt wanneer er een tot ziens inzit of wanneer het gewoonweg een vaarwel is. Manuela uit Spanje was juist hersteld van een huilbui en ze had haar haar opnieuw gedaan, waardoor ze er ongelooflijk mooi uitzag. Ik complimenteerde haar en zag daar alsnog met veel moeite een glimlach te voorschijn komen. Bij haar hoop ik op een tot ziens en welja Spanje is niet zo ver, of die afstand is alleszins ‘te doen’.

Colin en Sam bleven ook achter op die school, zij hadden een vlucht laat in de namiddag. Sam sloot af met: “We zouden elkaar moeten weerzien wanneer we opnieuw verandert zijn, niet eerder…” Daarmee bedoeld hij dat het geen zin heeft om afscheid te nemen als we mekaar over 10 jaar weer gaan zien en we zijn nog altijd hetzelfde. Het gesprek escaleerde weer zoals dat altijd bij ons ging en we concludeerden dat wijsheid niet uit de woorden van de spreker komt, maar uit de redenering van de ontvanger.

-Ah weet ge, misschien dat deze tekst u niet zoveel zegt maar ik draag die momenten zeer hoog in het vaandel. Gewoon omdat ik een band, een zielsverwantschap zag in deze twee individuen.

Ons gesprek werd abrupt onderbroken toen één van de vrijwilligers mijn scheidde van mijn broers en de bus op duwde. Een vriendschapsband die niet onderbroken is, maar gewoon op pauze gezet werd.

De luchthaven.
Het duurde mij allemaal te lang. Inchecken, securitycheck… het bleef maar duren. Toch wil ik nog even de dame achter de incheckbalie bedanken omdat zij geregeld heeft dat ik 20 kilo teveel mee mocht nemen op het vliegtuig. 20 kilo per persoon is toegelaten, maar ik kwam aan met 40. Ik denk dat de blik in mijn ogen, die: ‘Ik wil gewoon naar huis…’ vertaalde in weinig woorden veel verschil heeft gemaakt. Toch lag de eindbeslissing bij die dame en daarvoor vele malen bedankt.

We vlogen richting Kopenhagen en daarna op Zaventem. In totaal hebben we zo’n 4.5 uur op de vlieger gezeten. In Kopenhagen heb ik afscheid genomen van Burak mijn gastbroer voor 8 acht maanden. Het was me een hippe rit, kerel. Rond een uur of 5 denk ik kwamen we aan op Zaventem. Mijn koffers bijeenrapen en nog even wachten op mijn gitaar die door een speciaal iemand afgeleverd werd. Lies die me bijstond tijdens het wachten op mijn gitaar, begon het moeilijk te krijgen en ik excuseerde haar. Ze moest niet blijven en dus daar namen wij afscheid en ging ieder zijn eigen weg. Veel geluk Lies! Veel geluk.

Het weerzien.
Een tiental minuten later werd mijn gitaar afgeleverd en begon ik aan mijn tocht richting exit. Ondersteunt door degelijk Vlaams en flarden Engels (zoals dat niet ongewoon is op een luchthaven) kan ik alleen maar lachen. Denken kan ik niet meer, ik ben veel te moe. Ik ben thuis en dat is hetgeen wat telt. Ik stoot mijn bagagekarreke door de uitgang om daar vast te stellen dat er nog duizend en één mensen op zoek zijn naar hun dierbaren. Een kreet die “LENNART!” vormt krijgt mijn aandacht en inderdaad daar staat mijn moeder, mijn mama doodgelukkig en met tranen in de ogen. Tranen vloeien en ik vlieg haar in de armen. Even later is papa aan de beurt voor een knuffel. Ik ben moe, zeer moe maar voldaan. We drinken nog iets in de luchthaven om te bekomen en dan op naar Zutendaal. Het is allemaal zo onwerkelijk, er staan geen vreemde tekens meer op de borden langs de weg. Iedereen spreekt Vlaams, de mensen rondom mij zijn geen vreemden. Het is lang geleden dat ik omgeven was door mensen die ik ken, ik was gewoon geworden aan gezelschap dat bestond uit veelal vreemden. Opeens herken ik de omgeving, we rijden Wiemesmeer binnen. Een moeilijk moment volgt. Ik besef hoeveel van mijn herinneringen zijn vervaagd en om alles opeens te zien is moeilijk om te vatten. Ik vraag tussendoor nog of er iemand thuis is en krijg het antwoord dat Opa uit Zutendaal is gaan zingen in Scherpenheuvel. Ik denk van: “Ideaal dan ga ik gewoon men bed in en zien we de familie morgen wel.” We rijden de Boogstraat op en ik voel me opgelucht het reizen is eindelijk gedaan. Als we de Berkenstraat opdraaien wordt ik pas gewaar van de gigantische bache die luidt: ‘Welkom Thuis’. Ik merk iemand op achter die doek, maar ik ben in geen staat om te beseffen wat gaat gebeuren. Mijn verstand staat uit. Ik stap uit en voel hoe de hitte over mij heen komt. Drie seconden later springt de familie achter die doek uit. Ik weet niet wat te doen. Vrolijkheid en geluk vult mijn hart. Ik zoek toevlucht in de armen van Oma, ik sluit mijn ogen en ik weet… Ik weet zeker dat ik thuis ben. Het weerzien is een hele belevenis, iedereen ziet er veranderd uit. Al ben ik waarschijnlijk de enige die dat merkt…

De barbecue wordt aan gang getrokken en ik begin de laatste nieuwtjes en weetjes her en der op te pikken. Bij mijn rondleiding door het huis, merk ik dat heel wat verandert is. Alle kleine dingen komen in één keer op me af. De satékes en de frietjes doen deugt. Vlaams, dat op traditionele wijze wordt gesproken met Ge en Gij omringt mij weer. Enkele kerels van de KSA vallen ook nog even binnen, maar ze zijn duidelijk niet voor de hapjes gekomen. Bier is er en die mannen zijn content. Het eerste nieuws dat me bereikt van de KSA komt van Schellingen die vol trots: “Maaike heeft ne nieuwe frigo!” uitroept. (Maaike = frituur / voor zij die niet in Zutendaal wonen). Ik ben blij dat iedereen er was. Een betere thuiskomst kon ik me niet inbeelden.
Van mijn avontuur heb ik veel geleerd. Maar mijn zoektocht naar wijsheid is nog maar net begonnen. Ik weet niet wie het zei, maar dit is een ervaring die niemand me meer afpakt. En inderdaad, ik ben heel blij dat ik het mocht meemaken. Voor de toekomst mag het wel gezegd zijnde dat dit een voorbode is van wat nog mag komen. De reiskriebels heb ik vies te pakken en die zullen er op ne keer toch uitmoeten.

Hopelijk hebt ge van mijn blog genoten en laten we hopen dat ik snel een nieuwe kan bijhouden.

Ik heb van het leven genoten en dat is iets waar ik niet meer mee ga stoppen. Voor de rest zou ik oneindig kunnen blijven zwansen over IJsland en hetgeen ik daar gedaan heb, maar voor om een ietwat degelijk verhaal neer te schrijven, ga ik het hier bij houden. Geniet nog van de zomer en daarmee, daarmee is het allerlaatste woord gezegd…


Lennart

dinsdag 22 juni 2010

This Is It!

16 juni:
Het verlaten van Bolungarvík is een feit. Mijn koffers zijn gepakt. We besluiten om mijn koffers te wegen en ik merk, dat ik om en bij de 36 kilo aan bagage heb. Om daar een interessant punt van te maken, ga ik meedelen dat ik vertrok met precies 20 kilo. Om nog maar te zwijgen over hetgeen ik heb meegegeven aan Ine, Leine en Diane. Maar dat komt ook een beetje door het feit dat ik twee gitaren aan mijn arsenaal heb toegevoegd. Hoe dan ook de laatste dag was een triestige dag. Het weer was maar grijzig en veel woorden werden er niet uitgewisseld. Ik ben op de middag toen nog even naar Sigga gegaan om haar te bedanken en om Sigurjón nog eens te zien. Sigurjón was echter nog in het kleuterschooltje dus moest ik daar even naartoe. Ik probeerde hem in mijn beste IJslands bij te brengen dat ik niet meer terugkwam. Maar hij begreep het niet goed, het was zijn verjaardag en hij bleef maar vragen achter zijn cadeau en wanneer ik nog eens met hem naar het zwembad ging. Ik had geen en van het zwembad zou niks meer in huis komen, dus moest trapte ik het maar af. Eenzaam was dat wel, maar wat had ik nu ook van een vijfjarige kind verwacht. Onder de vrienden was het ook heel oncomfortabel, het lijkt wel alsof niemand echt goed met afscheid om kan. Ik verwijt niemand want ik zit in hetzelfde schuitje, ’t is gewoon een conclusie die ik getrokken heb. En daarmee is die conclusie het allerlaatste wat ik in de Westjörds geleerd heb. Ook de trip naar het vliegveld was maar een stille, maar wat moet ge precies zeggen bij een vaarwel? En toen ging het allemaal snel, het vliegtuig was al ginds en onze koffers waren op 3 seconden ingecheckted. Een vervelende stilte kwam op en ik zag aan Elín dat ze het moeilijk begon te krijgen. Elvar daarentegen, bleef grapjes maken tot het bittere einde. Wellicht zijn methode om met afscheid om te gaan. Emil liep wat verdwaasd rond, maar dat was ok. De man achter de incheckbalie luidde de bel en dat was het dan. Elín barstte in tranen uit en ook Elvar werd stil. Emil was doodgelukkig vermits alles wat Burak en ik niet mee konden nemen gaven we aan hem. Zo heb ik ook mijn Basketbal afgestaan.

De vlieger op en dat was het dan.

Ik wordt opgepikt door een vrijwilligster op de luchthaven en wordt op mijn nieuwe slaapplek gedropt. Fijn dichtbij het centrum. Ze vraagt me nog of ik naar een barbecue wil gaan en wie ben ik om zo’n aanbod af te slaan. Ik maak er kennis met de ijslandse kids die in september vertrekken naar God-mag-het-weten. Ik gebruik de term kids, want ik voelde meteen een kloof tussen hen en mijzelf. Alsof er een onoverspannen stuk van pure wijsheid tussen ons in lag, waar ik met behulp van de afgelopen 10 maanden alsnog ben over geraakt. Ik voel me goed, ik voel me jong volwassen.

Ik besluit de avond van de 16de in stilte door te brengen en speel wat gitaar. De mensen waarbij ik verblijf ontmoet ik pas om 2 uur ’s nachts. Zij zijn altijd druk bezig, maar dat was geen probleem, want ik wist al ergens in mijn achterhoofd dat ik niet vaak ging thuis zijn.

17 juni:
Ik pak de velo, die van de pa ter huize is en trampel in de directie van ‘downtown’ Reykjavík. Het was nationale feestdag, wat mijn eerste dag een bijzonder interessante maakte. Vermits er veel mensen waren. Zo’n grote groep mensen had ik al lange tijd niet meer gezien. Maar dat maakt Reykjavík er niet groter op. Ik besloot om eerste de World Cup te gaan kijken in een degelijk bar en daarna op zoek te gaan naar wat bekender volk. En het duurt niet lang voordat ik de andere uitwisselingsstudenten gevonden heb. Alleszins dat groepje waar ik me goed bij voel. Zij brachten enkele ijslandse vrienden mee. We schuimen samen de pubs af en we splitsen even op omdat sommige Frankrijk – Mexico wouden gaan zien en ander thuis moesten gaan eten. Ik ga met Sam (Canada) en Colin (USA) naar de wedstrijd kijken en achteraf delen we ook nog een pizza. Die avond gaan we nog naar een fuif. Nammidagur speelt en die hadden wel een unieke sound. Bij toeval nog een luikse wafel gegeten en met Hans gesproken. Hans is een kerel van middelbare leeftijd die een ongelooflijk hippe motor had.

Rond één uur sluiten de bars en besluiten de meeste om naar huis te gaan. Toch gebeurd dat niet en belanden we in een debat of we al dan niet pannenkoeken gingen eten ergens aan de andere kant van’t stad. Het antwoordt blijk ja te zijn en dus begin ik maar te fietsen naar weet ik veel waar. Oh ja, Harri(deel van het gezelschap) had een kruisje op de map gezet. Ik heb zo’n map gekregen zonder straatnamen, maar met een satellietbeeld van Reykjavík. Ik vind het wel een coole manier om te navigeren door Reykjavík. 45 minuten later kwam ik daaraan, maar daar werd ik opgewacht door Harri die zei dat het daar niet ging doorgaan. Het ging doorgaan op de plek waar ik vertrokken was. Euhm ja… Ik zei kerels, dit gaat nergens naartoe, ik ben pitten. En zo geschiedde het ook.

18 Juni:
Was een rustige dag. Omstreeks twee uur was ik weer wat mens en zonder veel twijfelen, stapte ik half slaapdronken weer op de velo. Er bleek niet te veel gaande te zijn downtown, dus pikte ik nog maar eens een wedstrijdje van de World Cup mee en bezichtigde ik Reykjavík. Die avond was niets gepland dus ben ik gewoon naar huis gegaan en om wat slaap te vatten. Ik denk dat ik maar 24 uur in totaal geslapen heb in de tijd dat ik bij die mensen woonde. Maar dat was voor hun geen probleem, want vaak kwamen zei nog later dan mij thuis. Op deze dag heb ik Ronald ontmoet een kerel uit Australië. Hippe kerels die van Australië en een cool accent. De kerel leek echt zo’n surferdude dus ik was helemaal geboeid.

19 Juni:
Dit was de dag dat ik met Colin, Carlos en vrienden van Colin naar het Blue Lagoon ging! Woohoo. Was wel cool! Ik weet niet goed hoe die warm waterbronnen in elkaar steken, maar dat zoek ik wel uit als ik terug in België ben. Ik heb er alleszins van genoten. Ook grappig was dat op een bepaald moment twee vlamingen in onze beurt zaten en die hoorden ons Engels en IJslands spreken. Ik vond het hilarisch toen zij tegen elkaar zeiden van: “zie verstaan ons waarschijnlijk ook niet als we vlaams spreken”. Waarop ik uit volle borst: “JAWEL, TOCH WEL” schreeuwde. Verbazing alom, en daarna volgde natuurlijk de algemene ‘Small Talk’.

Die avond werd ik nog uitgenodigd voor een party. Dat bleek echter gigantisch ver te zijn (niet te doen met de velo) dus een taxi was nodig. Dat was wel cool, ik begon te praten met de taxichaufeur en die zei dat het zo’n 4000 kronur ging kosten om ginds te geraken. De teller sprong echter op 4000 lang voordat we ginds waren. Maar hij zei dat hij de teller ging stoppen omdat ik ne vriendelijke gast was. YUUH! De party was gans goed. Veel hippe nerds eigenlijk. We zaten op een gegeven moment over quantum fysica te praten. Niet dat ik daar veel vanaf weet, maar ik heb mijn luisterend oor opgezet en ik vond het wel cool. Harri was zo vriendelijk om me terug te naar huis te brengen en dus omstreeks 4:30am kroop ik onder de wol.

20 Juni:
Ging ik naar een AFS-meeting. We gingen één of andere berg beklimmen om de middernachtzon te zien. U weet wel, de tijd dat de zon niet ondergaat. Helaas was er veel mist en dus niets te zien. Vooraf was nog een BBQ gepland en ook daar was de Lennart gaarne aanwezig. Het verwerken van mijn vistrauma is begonnen. Ergens die dag zijn we ook nog naar een Vikingfestival geweest. Dat was cool, maar ik vond het niet spectaculair. Gewoon fijn om eens gezien te hebben.

21 Juni:
Ben ik met Carlos en Sam naar een tattoo shop gegaan. Carlos ging een tattoo laten zetten en ik wou daar gaarne bijzijn. Ik heb een vreemd interesse in tattoo’s. Gene paniek ik heb er geen en ben ook niet meteen van plan om ene te laten zetten. Maar ik vind ze wel wat hebben. Natuurlijk was het maandagmiddag en dus waren vele shops gesloten. Daarna ben ik direct naar Kringlan gegaan. Das een winkelcentrum. Normaal geen plek voor een ziel gelijk ik, maar! Ik had nieuw kleren nodig omdat ik een date had die avond met een zweeds meisje. Hoe dat afgelopen is weet maar een handje vol mensen en ik wil dat gaarne zo houden. Nog voor die date ben ik van slaapplek verandert. Ik woon nu verder van het centrum af. Helaas.

22 Juni:
Dat is vandaag, maar vermits ik de hele dag met mijn blog bezig geweest ben, is er nog niks gebeurd. Tegen de avond aan ben ik nog een filmpje gaan pikken: 'Get him to the Greek'. En ik heb ook een heel interessant gesprek met Emil mijn gastheer gehad. Emil boodt me een glaasje congac aan en wie ben ik om te weigeren. Wreed sterk, maar niet slecht. Maar helaas heeft het meisje van mijn date me ook duidelijk gemaakt dat ze afstand wil houden. Ze wil zich niet in een romantisch avontuur storten wat naar alle waarschijnlijkheid geen toekomst heeft. Ergens is dat misschien wel het beste, maar ik vond het wild en impulsief en vreemd genoeg hield ik er wel van. Want ik ken haar helemaal niet goed, maar 't was gewoon zo spontaan dat het goed voelde. Twee individuen die elkaar ontmoeten, elkaars pad kruisen zonder veel consequenties. Mooi, bijzonder mooi vind ik dat.

Reykjavík bevalt me wel...

Tot snel!


Lennart

maandag 21 juni 2010

Ik leef nog!

Door het gebrek aan tijd, heb ik moeite om iets te schrijven voor mijn blog. Ik loop hier van het één naar het ander om het allemaal gezien te krijgen. 'T is hier ongelooflijk cool! Steden zijn zo cool! Ik ga proberen iets op papier te krijgen, maar ik weet niet goed wanneer dat zal lukken.

En anders maak ik gewoon een superlang bericht, helemaal op't einde!

Greetings!

maandag 14 juni 2010

Het Vaarwel

Week 42 in de Westfjörds. Nog twee dagen en ik laat deze streek achter om op zoek te gaan naar warmere plekken in het zuiden. Inderdaad de 16de (de dag dat ik naar Reykjavík ga) komt dichtbij, heel dichtbij.

In die laatste volle week die ik hier heb uitgedaan, hebben Burak en ik veel gepooled en gedart. Das wel eens fijn om te doen. Ik heb ook gemerkt dat ik een onuitputtelijke bron in mij heb om mezelf te verbeteren. Zaterdag is Mélanie nog in Ísafjörður geweest. Zij was op een soort roadtrip met haar gastfamilie om zoveel mogelijk van IJsland te zien. We hebben de namiddag al pratend doorgebracht. Mélanie is trouwens een Waalse. En vreemd om te zeggen, maar zij is mijn eerste vriend uit Wallonië. Ik vind dat Vlaanderen en Wallonië een efforke moeten doen om mekaar eens te leren kennen. Stoppen met het volkslied te vertalen en ergens een middenweg vinden. Maar goed ik denk niet dat het zal veranderen omdat ik hier eens van mijne tak begin te maken. Hoe dan ik is altijd hip om iemands anders indrukken te krijgen. Zij beleefde haar AFS-jaar op een heel andere manier, dat was al snel duidelijk. Niet beter of slechter, gewoon anders.

Wat ook lachen was deze week was de komst van Maarten Colson. Die kerel – nu inmiddels vriend – contacteerde me via facebook. Hij had mijn blog via via gevonden omdat zijn vriendin Eva volgend jaar naar IJsland komt met AFS. Hij wou gewoon weten hoe het eigenlijk is zo’n jaar en wat er allemaal bij komt kijken. Hij liet me ook een video zien die Eva had gemaakt om haar familie en omgeving te schetsen voor haar toekomstige gastfamilie. Nu blijkt dat het tegenwoordig verplicht is om zulk filmpje in een te steken. Wel ik vond het hilarisch, het filmpje herinnert mij aan hoe ik mijn jaar begon en hoe ik erover dacht voordat ik wist wat ik nu weet. Ik zou de link posten, maar Maarten gaf me die link in een facebookchat en dat chatvenster heb ik gesloten toen hij ging pitten. Hoe dan ook Maarten is een hippe kerel van 20 en hij volgt een muziekopleiding Jazz (hij speelt contrabass). We hadden een gigantisch hip gesprek en dus is Maarten Colson mijn eerste internetbuddy. Wie had dat gedacht, dat ik een internetbuddy ging krijgen. Maarten woont trouwens in As en dus zal ik hem wel eens gaan zien deze zomer. Maarten ge zijt hip!

De laatste week was ook een week van veel afscheidt nemen, dat is iets dat nu nog altijd doorgaat. Ik heb er een vreemd gevoel bij. Zo vertrekken en al. Het voelt goed om naar huis te gaan, maar aan de andere kant had ik ook een geweldig jaar hier.

Gisteren nog een paar uur op de XBOX 360 gespeeld. Was wel hip. Lang geleden dat ik nog een schietspel had gespeeld. (Gears of war) De kerel waarmee ik aan’t schieten was, vertelde me ook over Hreinn. Een kerel van’t school (het wordt uigesproken als Hreit). Die had enkele dagen geleden gebeld om te zeggen dat hij naar Amerika ging de volgende dag voor een onbepaalde tijd. Uit het niets. Halli zei dat dat normaal was voor Hreinn. Zij zijn kennen mekaar al vijf jaar. Halli voegde er ook aan toe dat Hreinn wellicht hem alleen had gebeld. Vreemd niet? Zo maar één iemand bellen om te melden dat ge vertrekt.

De World Cup is ook bezig en ik ben het vollop aan’t volgen. De World Cup is het enige dat ik van voetbal volg. Vermits logisch gezien, is het daar waar men het beste voetbal gaat zien. De beste spelers van elk land die het tegen elkaar opnemen. Ik hou er wel van. Ik zie er naar uit om een goed café te vinden in Reykjavík om het allemaal met iets meer sfeer mee te maken. Voor het allemaal begon heb ik me aan de tafel gezet met Halli (van de XBOX), Baldur en Rúnar om de afloop van de World Cup te voorspellen. En ik mag met trots aankondigen dat we tot nu maar 2 wedstrijden goed hebben.

Morgen ga ik m’n spullen pakken. Nog wat afscheid-mailtjes en sturen en nog wat bezoekjes brengen. Het plan voor nu is om naar de nubo te slenderen en om een pak Pims te kopen. ’T Is tijd dat ik nostalgisch door het dorp ga wandelen en alles dramatiseer, nu ik mijn weg naar huis vrij aan’t maken ben.


Lennart

maandag 7 juni 2010

Trip Tot Nu

http://picasaweb.google.be/Dhyhakhan/TripTotNu#

Direct na mijn blogbericht heb ik de volgende serie foto's in orde gemaakt. Geniet ervan. Het is deze keer een degelijk reeks met zo'n 105 foto's als ik me niet vergis. Het zou ideaal zijn, moest u eerst De Golf Van Mexico lezen alvorens door de foto's te ploegen.

From Iceland With Love...

Tip van de Dag: Dit liedje is ideaal als achtergrond muziek op de foto's. (klik hier) Let niet op de clip.

zondag 6 juni 2010

De Golf Van Mexico

Nog 21 dagen. De laatste tijd ben ik echt aan’t aftellen. ’T Is allemaal nog wel cool, maar mijn hart behoort in Zutendaal. De dagen zijn hier maar schaars gevuld met activiteiten. Gelukkig zijn er genoeg spontane momenten. Zo ging Elín woensdag en donderdag nog naar een reünie. En dus besloot Elvar om de Barbecue aan gang te steken. Gene steak, maar weer ergens een stuk schaap. Hoe dan ook het was goed, gewoon net iets anders.

Niet lang nadat we onze BBQ-maal ophadden, vroeg ik Elvar of hij nog vaak golft. Ik zag enkele golfclubs en dat maakte me nieuwsgierig. Elvar werd heel enthousiast en begon me uit te leggen hoe ik de perfecte swing moest maken. En dus ben ik helemaal in de ban van golfen. Ik ken er al wat van, van de driver tot de tee. Alleen richten zit er nog niet zo in. Het is nu niet dat ik helemaal geen controle over dat balleke heb, maar bijvoorbeeld zeggen dat de bal gaat neer komen op een gebied van 25m² zit er nog niet in. De titel slaat op niet veel, maar ik vond het wel een goeie titel om jullie nieuwsgierig te maken.

De laatste tijd voelt het ook alsof ik in Zuid-Frankrijk vertoef. Een zacht zeebriesje, de zon hoog aan de hemel, ik rond strompelend in korte broek. Het heeft allemaal wat. Toch wordt ik er telkens aan herinnert dat het niet Zuid-Frankrijk waar ik rond strompel, maar Ijsland. Vooral wanneer die koude noorderwind mijn schenen snijdt.

Op donderdag ben ik efkes naar Ísafjörður gegaan om de touristische dienst nog eens te raadplegen. Ik heb een aantal folderkes meegekregen en heb weet gekregen van een kayaktour die zowaar elke dag vertrek. En met mijn kayaklessen ‘tegen-het-kapseizen’ achter de rug ga ik misschien toch eens zo’n tour doen.

Zaterdag was het Zeemansdag. En dat hebben de inwoners van Bolungarvík geweten. In de morgen begon het allemaal met een boottrip op een middelgroot schip uit de fjörd (inham) en op naar de open zee. Helaas heb ik dat gemist vermits ik aan’t pitten was. Pitten gaat hier heel onregelmatig. Vermits de zon zowat dag en nacht schijnt. Ik heb een foto gemaakt rond een uur of één middernacht en dat is zowat het donkerste moment. De foto steekt in de volgende reeks. Zeemansdag was opgevuld met een roeiwedstrijd, zakkenlopen enz. Als kers op de taart eindigde het allemaal met een demonstratie door het reddingsteam, compleet met helicopter en al.

Roland Garros is door Burak en mijzelve op de voet gevolgd. De vrouwenfinale hebben we moeten missen door Zeemansdag, maar de mannenfinale hebben we helemaal gezien. Allez Burak heeft het helemaal gezien. Na anderhalve set was ik zwaar teleurgesteld over het verloop van de wedstrijd en ben ik naar buiten gegaan. Er was een vreemde wolkformatie aan de gang. En die ben ik gaan fotograferen. Indrukwekkende om te zien. De wolk was één dikke mist boven de zee, maar bewoog inland. En het was goed te zien dat de mist steeg wanneer het boven land kwam en daar dan verdween door de hitte van de grond. Na mijn eerste foto echter begroette ik een man die zich buiten geposteerd had met koffie. Hij vroeg of Elvar thuis was en ik moest ontkennen. Ik vroeg hem waarom hij geen Roland Garros aan’t kijken was en hij vertelde me dat hij eigenlijk nooit tennis keek. Hij bood me koffie aan, maar vermits ik geen koffie drink moest ik weigeren. Ik vroeg hem alsnog of ik bij hem op’t terras mocht komen zitten en daar had hij helemaal geen bezwaar tegen. De man bleek al een heel deel van mij af te weten, wat wel hielp vermits ik de gebruikelijk introductie kon laten vallen. Hij vroeg me hoe mijn ijslands was en van die vraag gingen we over naar zijn zoon die spaans had geleerd in Argentinië en daar nu voor psycholoog aan het gaan was. Al snel werden we vergezeld door een derde heer wiens naam ik ook niet weet. Na de begroetingen voerden ze een klein dialoog waaruit ik kon opmaken dat ik veel op de eerste man zijn zoon leek. Het gesprek ging verder over golfen en familie. Na een grapje over hoe wit de ijslandse mannen wel niet zijn (beide heren zaten in bermuda en ontbloot bovenlijf langs mij), stond de gastheer op en deelde ons mee dat hij een douche ging pakken. Dat betekende het eind van het onderonsje en dus ging ik maar weer naar huis. Daar had Nadal al bekans gewonnen en vond ik het toch spijtig vermits ik helemaal geen sympathie heb voor Nadal. Dat komt door een samenloop van omstandigheden, maar goed.

Toevallig was er deze avond ook Barbecue en over een dik uur begint Coldplay: Then And Now. Een concert van Colplay is altijd interessant en dus is het wachten. Check ook Een Klats Fotto's

Nog 21 dagen, nog 21…


Lennart

p.s: Voor echte Tiger Woods fans (klik hier)

Een Klats Fotto's

http://picasaweb.google.be/Dhyhakhan/LangGeleden#

Deh dan, en het was nondepie tijd dat ik er nog eens een serie foto's (de titel is geen schrijffout) tegenaan smeet. 'T is niet zozeer een speciale reeks, maar gewoon wat beeldmateriaal is altijd interessant. Ik heb ook eindelijk mijn geheugenkaartje losgepeuterd gekregen uit mijn camera dus er zal snel een volgende reeks volgen.

From Iceland with love...